De geschiedenis van het Nieuwlanderhek
In de oude stadswallen van 1524 tot 1538 was er al een Nieuwlanderpoort. Die stond aan de zuidkant van het Groot Nieuwland, ter hoogte van de huidige Oudegracht.
In 1573 kwamen er nieuwe stadswallen. Dat was het jaar dat Alkmaar werd aangevallen door het Spaanse leger. Met grote spoed kwamen er toen nieuwe aarden vestingwerken. Naar een ontwerp van de beroemde Alkmaarse vestingbouwer Adriaan Anthonisz. Met aan de stadszijde een brede gracht en daarachter een dikke aarden wal. De Nieuwlanderpoort kwam terug, maar dan iets meer naar het zuiden. Het was een eenvoudige stenen poort, ter hoogte van het Klein Nieuwland. Naast de ingang van de poort stond een kleine portierswoning met aan de waterkant een trapgeveltje.
In 1575 besloot het stadsbestuur een brug voor de poort aan te leggen, zodat boeren in tijden van dreiging hun vee snel binnen de stad konden brengen. Op de brug stond een houten hameipoort met twee draaibare hekvleugels. ’s Nachts werd zowel de stadspoort als het hek gesloten en kon de brug worden opgehaald. De stad was dan driedubbel beschermd.
Een hele serie aanpassingen
In 1704 werd de houten brug vervangen door een dam met in het midden een doorvaart met houten dek. Tussen 1766 en 1789 werd de vaste brug afgebroken en kwam er een ophaalbrug. En die ophaalbrug werd in 1851-1853 weer vervangen door een stenen exemplaar.
Tussen 1734 en 1738 is de poort een paar keer aangepast. De portierswoning werd uiteindelijk in 1738 afgebroken. En op die plek kwam een as- en vuilniskuil. Op 15 oktober 1809 besloot het stadsbestuur de bouwvallige poort af te breken en te vervangen door een hek.
Inmiddels weten we dat dat houten hek niet op de plaats kwam van de gesloopte stenen poort. Het hek kwam op de brug te staan. En vanaf dat moment werd niet meer gesproken over de Nieuwlanderpoort maar over het Nieuwlanderhek. Maar ook dat hek verdween toen in 1864 de stedelijke accijnzen werden afgeschaft. De aarden wallen waren inmiddels afgegraven en omgevormd tot een wandelpark in Engelse landschapsstijl.
Het hek van de foto
Het hek dat wij zien op de foto van rond 1870 is dus niet het eerste hek op deze plek. Op basis van archiefstukken en lijsten van straatverlichting kan worden aangenomen dat dat hek ergens tussen 1824 en 1851 is gebouwd.
In 1846 worden in officiële lijsten twee lantaarns genoemd die ‘op de pylasters’ staan. Elk met twee lichtpunten. Dat betekent dat het hek toen al verlichting had, waarschijnlijk in de vorm van olielampen.
Hoe zag het hek eruit?
Uit teruggevonden onderhoudsbestekken blijkt dat het negentiende-eeuwse hek bestond uit zware houten stijlen met daartussen hekvleugels. De afstand tussen de stijlen was ruim drie meter. Het geheel stond op een stenen brug met één boog, over de singel. Precies dus zoals je op de historische foto kunt zien.
Uit de bewaarde documenten blijkt wel hoe zorgvuldig het hek werd onderhouden. Er werd gesproken over het schilderen van houtwerk, het meniën van ijzerwerk, het vervangen van eiken plinten en het herstellen van metselwerk. Het hek was dan ook een belangrijk onderdeel van de stadsentree.
Het verdwijnen van het hek
In 1882 werden de hekstijlen en vleugels gesloopt. Op foto’s van kort daarvoor is te zien dat de draaiende delen al eerder waren verwijderd. Ook één van de lantaarns was toen al weggehaald.
De brug bleef bestaan, maar werd in 1897 aangepast. Er kwam een bredere doorvaart en een ijzeren overspanning. In de twintigste eeuw volgden opnieuw verbouwingen. En uiteindelijk werd de brug in de jaren zeventig vervangen, waarbij het historische uiterlijk werd nagebootst. En op die vernieuwde brug staat sinds 2026 dus ook het opnieuw gebouwde Nieuwlanderhek.

Verhalen over het Nieuwlanderhek
Fotogalerij Nieuwlanderhek
Nieuwlanderhek op de Popmansbrug
