Terug naar het overzicht

Architect Piet Tauber geëerd met monumentale status Telefooncentrale

December 2016

De Telefooncentrale, inmiddels opnieuw een begrip in Alkmaar vanwege de vernieuwde invulling van het gebouw, staat sinds september 2016 op de gemeentelijke monumentenlijst. Het is een ode en eerbetoon aan de bijzondere Alkmaarse architect prof. Piet Tauber. Uitzonderlijk ook, want het gebeurt bijna nooit dat een architect in levenden lijve meemaakt dat zijn pand een monument wordt.

Het idee om één van de panden van Tauber op de gemeentelijke monumentenlijst te plaatsen, kwam van wethouder Erfgoed, Anjo van de Ven. Zij deed de suggestie vorig jaar bij de opening van de oeuvre tentoonstelling in theater De Vest, georganiseerd door het Architectuur Informatiecentrum Alkmaar (AIA). 

Vijftig jaar

Het komt vrijwel nooit voor dat een pand op de monumentenlijst wordt geplaatst waarbij we nog aan de architect kunnen vragen waarom en hoe hij het zo gebouwd heeft. Voorheen werd een strikte grens aangehouden van vijftig jaar. Pas dan zou een gebouw zijn ‘waarde’ hebben bewezen. Die grens wordt echter al een aantal jaar, ook door de Rijksdienst, niet meer gehanteerd.

In het geval van de Telefooncentrale is in elk geval nu al duidelijk dat het gebouw geschikt is voor duurzame herbestemming, waarmee het een gloedvolle nieuwe toekomst tegemoet gaat. Dit laatste is te danken aan de visie van de nieuwe eigenaar Nico Berger, die de potentie van het gebouw zag, maar ook zeker aan het solide vakmanschap van de architect Piet Tauber zelf.

(Klik op de foto voor het onderschrift. Tekst gaat verder onder de foto’s)

Prof. Pieter Hendricus Tauber

Prof. Pieter Hendricus Tauber werd in 1927 geboren in Oudorp. In 1955 vestigde hij zich als zelfstandig architect, op de zolder van zijn zelf ontworpen huis aan de Westerweg in Alkmaar. Naast zijn hoogleraarschap voor de TH in Delft, bouwde hij veel, ook in zijn eigen stad, Alkmaar. Zo tekende Tauber onder meer voor de verbouwing van het voormalige Gerechtsgebouw aan de Kennemersingel, het oude postkantoor aan de Heul en de HTS aan de Bergerweg. De Telefooncentrale ontwierp hij in de periode 1964 tot 1972. 

De Telefooncentrale werd genomineerd door een werkgroep onder leiding van Ed Diepenmaat van het AiA. Hiervoor leverde Tauber zelf een short-list aan van acht van zijn panden op Alkmaars grondgebied. Deze werden alle acht bezocht en vervolgens beoordeeld aan de hand van zijn eigen architectuurtheorie ‘bouwen naar opdracht’.

’Bouwen naar opdracht’

In de visie van Tauber is elke opdracht gebonden aan het ‘plaatselijke’, het ‘functionele’, het ‘fysische’, het ‘sociale’ en het ‘culturele’ gegeven van het bouwprogramma. 

Het plaatselijke aspect omvat bijvoorbeeld kennis van het bestemmingsplan, voorschriften en  procedures, maar ook respect voor milieu en omgeving. Al in 1963 benadrukte Tauber ook het ecologische belang bij een bouwproject.

Het functionele aspect draait om de gebruikseisen van de ruimte: wat wordt er straks werkelijk gedaan en wat is daarvoor nodig? 

Het fysische aspect betreft onder meer kennis van materialen en bouwkundige constructies en bij het sociale aspect staat volgens Tauber de liefde voor de medemens centraal en inzicht in de menselijke behoeften. Ten slotte vraagt het culturele aspect volgens de architect om een actieve belangstelling voor ‘het geestelijk leven van de eigen tijd en inzicht in de relatie ervan met het verleden’.

Dit is een aanpak die niet direct resulteert in een herkenbaar handschrift van de architect, maar wel in een herkenbaar gebouw met een eigen karakter. Het gaat Tauber niet om de vorm of de stijl. Hij is meer ambachtsman dan kunstenaar.  Zijn architectuur kent geen opsmuk of versiering, maar is een technische vertaling van de ‘opdracht’. En de beeldende kracht van het ontwerp komt dus vooral voort uit het karakter van de opdracht.

(Klik op de foto voor het onderschrift. Tekst gaat verder onder de foto’s)

Architectuurcolleges

Deze interessante architectuur-theorie was ook de basis van Taubers architectuurcolleges aan de TH Delft, tussen 1964 en 1978. En verrassend genoeg blijkt zijn visie nog steeds actueel en zeer geschikt om alle verschillende facetten van de bouwopgave te analyseren. Opvallend is dat ondanks het feit dat zijn gebouwen duidelijk geworteld zijn in de tijd waarin ze zijn ontworpen, er ook een zekere tijdloosheid aanwezig is; juist doordat Tauber zich dus puur laat leiden door de opdracht én zijn vakmanschap. 

Overigens leverde Taubers aanpak in het verleden wel eens bijzondere discussies op. Zoals bijvoorbeeld bij de bouw van de voormalige AMRO bank aan de Voordam. Daar kreeg Tauber kritiek op zijn ontwerp van onder meer de Historische Vereniging Alkmaar die het ontwerp te modern vond en niet passend in de historische omgeving. Hij diende zijn criticasters prachtig van repliek door een variant van dezelfde bouwmassa te tekenen maar dan met zogenoemde Vingboons-geveltjes, bekend van de Amsterdamse grachten én het bekende Alkmaarse pakhuis de Vigilantie aan het Verdronkenoord 45.

Herbestemming

Taubers vakmanschap en theorie kwamen het best tot hun recht bij grote complexe opdrachten. Bij de selectie door de werkgroep van de acht voorgedragen gebouwen kwamen De Telefooncentrale en de HTS aan de Bergerweg als de twee beste uit de bus. Uiteindelijk gaf de succesvolle herbestemming van de Telefooncentrale de doorslag voor de keuze voor dit pand.

Voor het voormalige bankgebouw aan de Voordam kwam de herwaardering van Taubers vakmanschap te laat. Dat gebouw is inmiddels gesloopt. En voor sommigen komt de waardering van Taubers werk alsnog te vroeg. Maar persoonlijk ben ik er trots op dat we nu in Alkmaar een échte Tauber op de monumentenlijst hebben staan.

Carolien Roozendaal, gemeentelijk bouwhistoricus